De bodem zelf, classificatie, verspreiding en ontwikkeling

De bodem zelf, classificatie, verspreiding en ontwikkeling

Zoals al aangegeven in de voorgaande tekst is de bodem een complex fenomeen met zeer veel interacties en relatie: alles heeft met alles te maken. Om de bodem in zijn landschapsecologische context te ‘lezen’ binnen het kader van bodemvriendelijk natuurbeheer vraagt veel kennis en ervaring, deze website kan daar onmogelijk volledig in zijn. Daarom wordt er hier vooral aandacht besteed aan de methodiek van bodemclassificatie en bodemkartering. Wel met zo veel mogelijk praktische voorbeelden die betrekking hebben op bodems met potentieel hoge natuurwaarde.

Omdat het in de bodemclassificatie vooral gaat om het herkennen en vastleggen van bodemvormende processen zal er eerst ingegaan worden op deze processen. Ten behoeve van de landbouw (ruilverkaveling, landinrichting) is geheel Nederland bodemkundig gekarteerd, het gaat hier om het minerale deel van de bodem. Redelijk recent onderzoek (in vergelijking met de ‘traditionele’ STIBOKA bodemkunde) heeft aangetoond dat het humus profiel veel informatie geeft over de interactie biotiek – abiotiek. Het humusprofiel is dat deel van het bodemprofiel waar organische stof, dat rechtsreeks gerelateerd is aan het recente ecosysteem, voorkomt. Veen op twee meter diepte in een veenweidegebied is geen onderdeel meer van het humusprofiel. In het humusprofiel zit veel meer levende natuur dan in de minerale bodem. In onderstaande paragrafen wordt ook ingegaan op de minerale bodem en het humusprofiel. Een bodem wordt gekarakteriseerd op basis van de verticale opbouw. De bodemkaart geeft de verspreiding van bodems weer met een overeenkomende verticale opbouw. De ruimtelijke verspreiding van bodems komt aan bod in de paragraaf ‘bodemgeografie’.